Linkedin

Wat is een relatief risico?

In veel wetenschappelijke artikelen wordt gesproken over een relatief risico. Dit is het risico op het krijgen van een ziekte ten opzichte van een andere groep (vaak een placebo– of controlegroep). Bij de interpretatie van zo’n relatief risico is het echter wel belangrijk om te weten hoe vaak die ziekte überhaupt voorkomt.

https://www.youtube.com/watch?v=O3GQMpNTV-8&t=3s

Een voorbeeld van een relatief risico

Stel dat je de volgende (fictieve) zin leest: 

“Supplement X verlaagt de kans op het krijgen van ziekte Y met 20%”. 

Dat klinkt als een hele mooie uitkomst. Maar stel nu dat ziekte Y slechts bij één op de 1000 mensen voorkomt, wat verandert er dan? Om dit te illustreren hebben we de volgende rekensom:

Ziekte Y komt bij 1 op de 1000 mensen voor. Dat betekent dus dat elke willekeurige persoon een kans van 0,1% heeft om de ziekte te krijgen. Op het moment dat je supplement X gebruikt, verlaagt dit de kans met 20%, maar dat is slechts het relatieve risico ten opzichte van mensen die het supplement niet gebruiken. De absolute verlaging is 20% van de 0,1% kans die iedereen al heeft; dat is een verlaging van 0,02%. Dat betekent dat de kans op het krijgen van deze ziekte met het gebruik van dit supplement 0,08% (0,1% – 0,02%) is. 

Het absolute verschil

Laten we het voorbeeld hierboven vertalen naar absolute getallen:

Van een willekeurige 5.000 mensen krijgen slechts 5 mensen ziekte Y. Als al deze mensen supplement X zouden gebruiken, krijgen 4 mensen ziekte Y. Kortom, er moeten 5.000 mensen behandeld worden met supplement X om één ziektegeval te voorkomen (de zogenaamde number needed to treat).

Op het eerste oog lijkt die relatieve verandering van 20% dus heel hoog, maar het absolute verschil is dus helemaal niet zo indrukwekkend.

Afbeelding relatief risico

Relatief risico

Uitleg figuur:

In het rood staan de mensen die uiteindelijk een bepaalde ziekte zullen krijgen. In de groep links boven zijn dit 10 van de 20 mensen (50% van de groep). Bij een verhoogd risico van 20% worden dit er 20% meer–> 2 mensen meer. In totaal dus 12 van de 20 mensen die de ziekte zullen krijgen (60% van de groep). 

In de tweede groep onderaan komt de ziekte minder vaak voor. Slechts 5 van de 20 mensen krijgen het uiteindelijk (25%). Bij een verhoging van 20% krijgt slechts 1 extra persoon de ziekte en zullen uiteindelijk 6 mensen getroffen worden (30% van de groep). 

Lezing kritisch redeneren

Wil je meer leren over het beoordelen van wetenschappelijk onderzoek? Dan is onze cursus kritisch redeneren misschien wel iets voor jou! Klik op de button hieronder voor onze cursuspagina!


Cursussen en nascholingen

Gerelateerde artikelen


Snelcursus wetenschappelijk onderzoek


Wetenschappelijk onderzoek beoordelen


Statistisch significant

Auteur

Thijs Landman

Thijs Landman

Biografie

Thijs is arts, wetenschapper en oprichter van Medicus Online. Op dit moment is hij in opleiding tot huisarts.
Volg mij op LinkedIn!

Volg Medicus Online

Reacties

  1. […] volwassenen vroeger om 2 à 3 porties (300 tot 450 ml) melkproducten per dag te consumeren om het risico op onder andere botbreuken, darmkanker en diabetes type 2 te […]

  2. […] Bij deze stap is het vooral belangrijk om rekening te houden met een relatief risico. […]

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Abonneer op onze nieuwsbrief

Bedrijfsgegevens

Disclaimer

Alle informatie die hier wordt aangeboden dient alleen voor informatieve doeleinden. Het is geen vervanging voor het advies van jouw eigen arts of specialist.

Bij lichamelijke klachten, psychische klachten, vragen, of het inwinnen van advies over je situatie: Neem contact op met jouw eigen huisarts!
Medicus Online 2025 © Alle rechten voorbehouden.
Gerealiseerd door: Digishock

Inhoudsopgave

Zoek een artikel